18-12-09

WALTER ELST en ROLAND CASSIMAN

I.

Stillevenschilder Walter Elst: ,,Ik heb het meest voldoening van mijn werk als ik de realiteit zo dicht mogelijk benader"

Vanaf het moment dat de Belgische kunstschilder Walter Elst (Antwerpen,1955) besloot om kunstschilder te worden, hij was toen dertien jaar, volgde hij lessen bij Leon Lommaert, tot aan diens dood in 1978. Elst studeert op aanraden van zijn ouders geneeskunde. In 1982 voltooide hij zijn studie. Toch kiest hij voor het kunstenaarsschap.

Fijnschilderen

Een bezoek aan het atelier van Walter Elst valt op door de verzameling van allerhande spullen die de vier wanden van zijn atelier vullen: kannetjes, potjes, kruikjes, glazen roemers …en in de meeste potjes zit ook nog iets in, namelijk datgene wat erin geschilderd werd, bijvoorbeeld hazelnoten, walnoten, uitgedroogde mandarijntjes, lychees, tamme kastanjes (nog in hun prachtige uitgedroogde bolsters). Elst krijgt het blijkbaar niet over zijn hart om die na gebruik weg te kieperen: ,,Ze blijven mooi ook al zijn ze wat uitgedroogd, de tijd gaf ze een eigen poëzie."

Als ik hem zeg dat hij een prachtig oeuvre heeft opgebouwd reageert hij bescheiden: ,,We doen niet anders dan ons best. Dat is onze plicht. En beter kan ik niet. Ik voel me ook echt niet de meester van het stilleven, we zijn allemaal meesters naast elkaar en elk vogeltje zingt zoals het gebekt is." Hoe is Elst begonnen? ,,Mijn eerste leermeester was zelf een landschapschilder en zijn werk fascineerde me. Sowieso hield ik altijd al van de natuur, van haar scheppende schoonheid. Ik wilde daar iets in mijn leven mee doen, met dat gevoel, en uiteindelijk werd ik kunstschilder. Leon Lommaert is de man die mij schoonheid heeft léren zien. Hij zei: kijk, eens, dat is mooi, daarom en daarom. Bovendien opende hij m'n ogen voor wat mooi geschílderd was, zoals bijvoorbeeld de portretten van Rembrandt."

Wanneer is een schilderij een stilleven? ,,Ik houd niet van etiketjes ergens opplakken, of iets in vakjes onderbrengen, maar ik begrijp uw vraag wel, hoor. Maar of het nu een landschap of een stilleven is, voor mij heeft het allemaal te maken met schoonheid. Mijn leermeester bepaalde hoe ik mij ontwikkelde. Hij schilderde eerder op een losse, meer impressionistische manier, en zo begon ik ook. Gaandeweg ben ik andere schilders tegengekomen van wie het werk mij nog meer fascineerde omdat die gedetailleerder schilderden en dat paste beter bij mijn persoonlijkheid. Daarom ben ik de weg, van wat men noemt het fijnschilderen, ingeslagen. Ik wilde dichter bij de natuur schilderen, mijn schilderij diende de realiteit zo dicht mogelijk te benaderen. Ik vind de impressionistische manier nog altijd prachtig, maar het geeft mij meer voldoening als ik het fotografischer afwerk, al is het natuurlijk nooit een foto, het blijft geschilderd en het moet ook geschilderd blijven. Nogmaals, ik heb het meest voldoening van mijn werk als ik de realiteit zo dicht mogelijk benader."

Mandarijnen

Elst' 'Japanse mandarijntjes', 'Sjalotjes in het ochtendlicht', 'Asperges op Vlaamse wijze', 'De gouden adem van de herfst', 'Kalmthoutse heide', slechts een paar voorbeelden uit zijn rijke collectie, zijn tot in details realistisch uitgewerkt: of het nu de vezeltjes van een vrucht betreft of de plantjes in een landschap. Naar de natuur zoals Elst dat wenst en waarin hij een meester is, één van de. 'Ode aan Helmantel' is een schilderij dat Elst schilderde omdat hij een groot bewonderaar van Helmantel is: ,,Als we spreken van een meester is hij er een."

Elst heeft nogal wat stillevens met mandarijnen geschilderd: 'Japanse mandarijnen', 'Mandarijnen in Middeleeuwse papkom', 'Horizontale mandarijnen', 'Mysterieuze mandarijntjes'. Wat heeft hij met deze vruchten? ,,Dat heeft met een aantal dingen te maken. Allereerst vond ik dat ik ze nooit 100 % naar de natuur geschilderd had, er haperde altijd iets aan. Dat was voor mij de uitdaging het nog eens te doen omdat ik vond dat ik er niet zo goed in was. In een andere compositie weliswaar, maar telkens weer realistischer. Vandaar dat ik dat onderwerp steeds herhaal."

Waarom zijn mandarijnen moeilijker te schilderen dan bijvoorbeeld appels? ,,Als je een mandarijntje bekijkt zie je dat de schil een complexe structuur heeft en als er licht opvalt is het nog moeilijker vast te leggen. Om dat weer te geven is niet eenvoudig. Ik vind dat een van de moeilijkste dingen die ik in mijn carrière ben tegengekomen. Vandaar dat u veel mandarijntjes bij mij zult vinden." Elst lacht fijntjes.

Is hij ooit tevreden? ,,Vanaf het ogenblik dat men denkt: nu kan ik het, is de gedrevenheid voorbij. Dan kan je je werk beter aan de vuilnisman meegeven, dan is het niet meer boeiend, niet meer kleurrijk. Rembrandt heeft ooit gezegd:

Een schilderij is pas af wanneer het beeld op uw doek overeenkomt met het beeld in uw hoofd."

Elst is even stil, dan zonder enige aarzeling: ,,Bij mij is het beeld in mijn hoofd nog altijd mooier dan wat ik er zelf van bak."

Ellen de Jong

walter_elst_3

  

 

 

 

 

 

 

walter_elst_10

 

 

http://www.galerieutrecht.nl/

 

 

 

 

 

********************************************

II.

Als ik me ergens in vastbijt ben ik verloren

Roland Cassiman (Ninove, België) woont in Antwerpen. Hij is beeldend kunstenaar, schrijver, dichter, flamenco- en jazzmusicus. Een Vlaming die half Spaans is geworden en heen en weer trok tussen beide landen. Hij is tot 'comendador' (commandeur) benoemd in Spanje en heeft in Frankrijk en Spanje grote tentoonstellingen op zijn naam staan.

Roland staat mij op te wachten in de deuropening van zijn huis. Hij heeft naar Spaanse gewoonte allerlei hapjes klaargezet: van olijven tot toastjes met zalm en garnalen toe. Hij serveert er een Spaans wijntje bij. Ik reageer verrast, het is zo van een andere orde dan het Nederlandse kopje koffie of thee. ''U moet zich thuis voelen bij mij en dit hoort erbij." Roland kijkt mij vrolijk aan en steekt direct van wal als ik vraag hoe zijn diverse talenten zich ontwikkelden en of ze elkaar versterken.

''Wat ik nu vooral doe is schilderen, jazz speel ik alleen nog maar voor mijn plezier."

Roland komt uit een zeer kunstzinnige familie dus heeft hij het van niemand vreemd. Hij begon met de muziek, kreeg klassieke vorming, piano, en leerde later de jazz kennen en werd jazzmuzikant in Brussel. Hij vond dat toch een te heftig circuit en stapte over op de lichamelijke opvoeding en sport. Maar schilderen, tekenen en schrijven deed Roland altijd ernaast. ''Ik schreef vooral gedichten en die gingen uiteraard nogal eens over de liefde."

Roland publiceerde een bundel poëzie 'Anjers voor Manon' die veel gedichten over de liefde bevatten. Ik citeer het eerste couplet van het gedicht 'Wil van je houden': Wil van je houden/ alsof het de eerste keer is/ veroorloof mij zelfs/ nog éénmaal/ stuk te gaan. "Ik heb al die verschillende dingen gelijktijdig gedaan, voor mij was dat een logisch iets en ik deed ze voor 100 procent. En om op uw vraag terug te komen, die diverse disciplines versterkten elkaar. Als ge van het een genoeg hebt dan komt er iets anders voor in de plaats en is het weer nieuw."

We gaan het nu over Rolands beeldende werk hebben. Aan een van de muren hangt een prachtig doek. Het is de jazzmusicus Jerry Mulligan. Hij staat er in vol ornaat op, in een figuratieve stijl, het gezicht een en al expressie. "Ik vertrek altijd van een figuratief beeld maar dat kan later geabstraheerd worden. Ik ben zo'n 60 jaar aan het tekenen en schilderen (Roland is 70 jaar), want ik tekende al toen ik nog klein was. Ik had een onkel en die was bakker, maar die kon prachtige portretten tekenen en die leerde mij het een en ander. Als u naar mijn ontwikkeling vraagt kan ik dit zeggen: ik ben nooit naar een academie geweest, ik ben autodidact. In het begin schilderde ik straten in donkere kleuren, expressionistisch. Vervolgens werden het menselijke figuren en portretten. Voor Karel Appel had en heb ik een enorme bewondering en zijn werk is abstract, maar zijn manier van zich uit te leven, zijn spontaniteit wilde ik ook verkrijgen, maar dan in figuratievere zin, en dat duurt natuurlijk even voor je zover bent! Met de jaren is mijn werk wel abstracter geworden maar nooit totaal. Het gaat mij vooral om de emotie en om het zo rap mogelijk over te kunnen brengen en dat geldt ook voor mijn poëzie die ik nu nog steeds schrijf, al is het mondjesmaat."

Flamenco

Roland publiceerde een boek 'Flamenco, een passie', dubbeltalig, uitgegeven door De Vleermuis, dat reeds een vijfde druk beleefde. In de inleiding schrijft Roland: 'Ik zal trachten u te begeleiden in de vreemde, magische eigenaardige wereld van de flamencozang. Het eigen wezen van de flamenco is als een gesloten wonder dat zich moeilijk laat ontdekken.' En: 'De flamenco verstaat men niet, die moet men beleven.'

Het is een interessant boek dat een rijk beeld geeft van de geschiedenis van de flamenco en antwoord geeft op vragen als: Wat is nu eigenlijk flamencomuziek en waar komt het vandaan? Welke stromingen zijn er? Wie waren of zijn de groten in de flamenco?

Roland las eens dat in het Noorden van Spanje, in Cadaques, een centrum was van schrijvers, dichters, kunstenaars. "Daar moet ik naartoe", dacht ik, "en de Spanjaarden leerden me de flamenco en allerlei andere soorten muziek kennen. Ik vond dat zo boeiend, die ritmes liggen totaal anders dan in de jazz en daar wilde ik meer van weten. En als ik me ergens in vastbijt ben ik verloren en zo kwam het boek tot stand: mijn passie verwoordde ik."

Achterin het boek gaf Roland Don Quijote de la Mancha en Andres Segovia gestalte in olieverf. Met woeste penseelstreken vereeuwigde hij deze klassieke flamenco gitaristen."

Behalve schilderijen maakt Roland tegenwoordig ook veel monotypes. "Ik vind het een aangename afwisseling. Ge zou het als volgt kunnen vergelijken: Na het lezen van een ernstig filosofisch boek ga ik eens een romanneke lezen, zoiets. Het resultaat van zo'n monotype, waar ik me vroeger ook al mee bezighield, is wisselvallig, soms is het niks en soms is het tof."

Atelier

Boven is zijn atelier, ruim en licht. Het staat tjokvol met eigen werk maar er zijn ook schilderijen van andere meesters. Roland wijst me, terwijl hij swingende jazzmuziek laat horen van Monty Alexander, op verschillende musici die hij portretteerde, een trompettist, een saxofonist, beiden in volle actie. Vrouwenfiguren, al dan niet gekleed, zuiver en met veel gevoel voor kleur en verhoudingen in beeld gebracht. Een donkere straat uit zijn beginperiode, een nog niet voltooide drummer, in dynamische lijnen opgezet, wachtend op vervolmaking. En volmaakt zal het worden, voor minder doet Roland het niet. Wat betekent dit alles voor hem?

"Het is het leven zelf, ik vind het ook iets normaals. Ik zal het wel meegekregen hebben, het is geen moeite, geen werk, zeker en vast niet."

Ellen de Jong

roland1

 

 

 

 

 

roland2

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

16:22 Gepost door François in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |